Los zand is een gevreesde ondergrond voor kleine snotters die net ‘met zonder zijwieltjes’ fietsen. Los zand is onvoorspelbaar, frustrerend en eng, maar blijkbaar is zand nog altijd even spannend als je twaalf jaar later met een brommer onder je kont door Frankrijk tuft. Met als reisgezel je papa die twaalf jaar eerder plots je K3-fiets losliet en riep “Florine blijf trappen en kijk voor u!”
Het doel van onze warme avondrit is om even de omliggende dorpjes te verkennen van de streek waar we de komende twee dagen zullen verblijven. Na een dag in het wiel te hebben gehangen van een blauwe walmen spuwende Vespa en dus niks van de frisse lucht te hebben geproefd, is het even tijd om mijn longen de rust te geven die ze verdiend hebben. Dus eerste stop: het strand. Een strand in Zuid-Frankrijk is eind augustus dé plek bij uitstek om wat vakantiekiekjes te maken, kwestie dat oma haar fotoboek voor 2025 ook gevuld geraakt. Volgens de Vesparijder is er slechts één foto die de moeite waard is om te nemen, namelijk één waar ik over het losse zand rij.
Mhmhh, ik kijk naar het zand dat me in mijn kindertijd al deed twijfelen aan mijn motorische vaardigheden en beslis dat ik het op z’n minst moet proberen. Na enkele snelle tips als ‘niet te veel gas geven’, ‘laat je brommer een beetje zoeken’ en ‘niet te veel sturen’ zet ik mijn brommer in gang. Voor ik mijn helm kan opzetten wordt het motto van mijn jeugd herhaald: VOOR U KIJKEN!
De eerste aanraking met de grote zandbak is iets minder elegant dan initieel gehoopt, maar ik wiebel me er doorheen. Net als ik denk deze proef te hebben overleefd hoor ik: ‘ga maar rechtstaan’. Ik moet mezelf weer wat moed inspreken, maar ook dat lukt best goed. Mijn tweede bocht snij ik aan en op dat moment schuif ik weg. Ik gil, maar kan de schuiver nog net op tijd opvangen en een val voorkomen. Pfieuw, dat was spannend genoeg, de rest van de verkenningstocht verloopt met papa aan het stuur en ik suffend achterop.
Florine Waeyaert