“Mash, die bouwen toch van die kleine neo-retro’s?” Nou, sinds het Franse merk een samenwerking aanging met het Chinese Jedi Motor komt er opeens een hele nieuwe generatie Mash-modellen op de markt. Deze K750 is de sportiefste machine in de line-up. Franse ondernemersgeest op basis van Chinese techniek in een Italiaans jasje: goed voor een ideale mix of toch een beetje van het goede te veel? We zoeken het uit.
Het is wel even wennen als ik een rondje om de Mash K750 loop, de retro vibe die je normaal meteen tegemoet waait bij een tête-à-tête met een tweewieler uit de Mash-keuken is bij deze K750 ver te zoeken. Het is pure sciencefiction dat hier de klok slaat, alsof het Chinese Jedi zijn futuristische naam nog wat extra in de verf wou zetten.
Over die looks gesproken, die komen dan weer uit Italiaanse keuken. Jedi belde voor deze K750 namelijk aan bij Marabese Design (voorheen ook verantwoordelijk voor MV Agusta) en dat zie je op sommige vlakken zeker terug. Neem de fraaie enkelzijdige swingarm, een zeldzaamheid op een motor in deze prijsklasse, en het strakke ‘neus naar beneden, kont omhoog’-lijnenspel. De plaatsing van de ronde led-achterlichten onder de kont is op z’n zachts vrij eigenzinnig, al vraag ik me wel af hoe je al dat opspattende vuil weer uit het wafelmotief gepeuterd krijgt.
Lang verhaal kort: of je het nu een mooi ding vindt of niet, Marabese/Jedi/Mash heeft durf getoond en daar kan je alleen maar waardering voor hebben. Overigens waren de Chinezen na Marabese nog niet klaar met hun rondje door Europa, getuige de Brembo remmen, KYB vering en het Bosch ABS, stuk voor stuk toch gerenommeerde leveranciers in motorland.
Geen poespas
Blok en frame komen dan wel weer uit Chinese keuken, waarbij de 730cc paralleltwin in een aluminium dubbel wiegframe is opgehangen waarvoor Jedi de hulp inriep van het Zwitserse Suter. Naar goed Chinees gebruik werd er niet echt streng toegezien op het dieet, want met 207 kilo is de K750 best zwaar voor een motor uit deze klasse. Om de prijs laag te kunnen houden (spoiler alert: dat is gelukt) werden er aan de elektronica-kant geen al te gekke dingen gedaan. De K750 doet het dus zonder ride-by-wire, IMU, tractiecontrole, rijmodi, cruisecontrole, quickshifter of andersoortige digitale poespas.
In alle eerlijkheid heb je het merendeel van die spullen ook helemaal niet nodig op een machine met 75 pk aan de krukas. Los dan van een quickshifter, maar daar komen we nog op terug. Het 5” TFT-dashboard is uiteraard direct te linken aan je mobiel en navigatie, op dat vlak hoef je de Chinezen niks te leren. Wel jammer: om de cijfers en letters op het dashboard te kunnen lezen heb je een vergrootglas nodig, in één oogopslag iets aflezen is vrijwel niet te doen.
Bokkenpruik
Eenmaal in het zadel valt meteen op dat je meer ‘in’ de motor zit dan ‘erop’ en zodra je de starknop omzet (de K750 is keyless) licht er heel geinig ‘Mash Motors’ op in de digitale strip op de tank. Met een druk op de verlichte startknop komt de tweepitter zonder bedenktijd tot leven. Mocht je door de futuristische looks een beetje zijn gaan zweven, dan sta je na het aanhoren van het brave getokkel uit het vooronder direct weer met beide benen op de grond. De Mash klinkt als iedere staande twin en daar worden we niet meteen wild van.
Het losjes aanvoelende koppelingshendel (wel instelbaar) danst lekker mee op het hartritme en weigert enig gevoel te leggen in het oppakken vanuit de eerste versnelling. Met een streepje gas erbij lukt wegrijden natuurlijk wel, maar heel smeuïg verloopt deze fase niet. De 180° twin heeft de eerste drieduizend toeren sowieso z’n bokkenpruik op.
In druk verkeer de Mash te ver terug laten vallen in toeren wordt genadeloos omgezet in oncomfortabel gebok en gestotter. Nee, dit is een twin die zich liever een beetje laat opjagen. Tussen de vier- en de negenduizend omwentelingen ben je wel aan het goede adres en pakt de K750 mooi op. Een andere rijmodus zoeken hoeft niet, want die zit er niet op. Het is dus vooral een kwestie van roeien met de riemen die je hebt.
Gang zit er best in, gevoelsmatig denk ik dat de Mash – eenmaal op toeren – prima meekomt met een Yamaha R7. Het is en blijft wel zaak het vuurtje een beetje op te stoken. In die zin was het leuk geweest mocht de K750 uitgerust zijn met een quickshifter, dat was de dynamiek ten goede gekomen. De zesbak zelf is trefzeker, maar voelt wat stug, al speelt de maagdelijke kilometerstand van de testmotor hierin misschien ook een rol.
Door een ringetje
Niet alleen optisch oogt de K750 lang, hij is het ook met z’n 1.465 mm wielbasis en dat voel je ook terug in het rijgedrag. In lange bochten is de stabiliteit om door een ringetje te halen wat het vertrouwen aan de clip-ons zeker een boost geeft. Dat die clip-ons niet al te diep liggen is trouwens wel aangenaam. De zitpositie is voor iemand van mijn lengte (1,79 m) echt prima in orde, met een riante kniehoek en niet al te diepe snoekduik richting de stuurhelften.
Doe je niet al te gek, dan voelt het rijwielgedeelte mooi neutraal en uitgebalanceerd aan. Ga je wat harder pushen, dan merk je dat de KYB shock achter een wat te softe basissetting heeft. Er sijpelt wat deining het rijwielgedeelte binnen, niet verontrustend, maar sportieve rijders zullen wel een zwaardere veer overwegen. Keerzijde van de stabiliteit in lange bochten is dat je in het korte werk (zoals op rotondes) iets harder moet werken om de 207 kilo zware Mash op het goede spoor te zetten.
Mocht je onverhoopt iets te veel snelheid hebben meegenomen, dan kun je met een gerust hart terugvallen op de Brembo-remfabriek vooraan. De K750 vertrouwt naast de vierzuigerklauwen ook op een radiale rempomp van de Italiaanse firma en dat betaalt zich uit in een mooi progressief opbouwende voorrem. Netjes.
Conclusie
De Mash is in alle opzichten een verrassende motor: superscherp geprijsd, eigenzinnig vormgegeven en daarom ook behoorlijk afwijkend van de rest van het Mash-gamma. Voor motorjeugd met sportieve ambities zal dat laatste een plus zijn. Anderen zullen het misschien raar vinden dat je van een ‘Mash’ spreekt, terwijl de Fransen simpelweg hun logo op een volledig door Chinezen ontwikkelde motor hebben geplakt.
Wat doet zoiets met een merkimago? Of zijn wij in dat opzicht dan te veel ‘purist’ en kijkt een doorsnee consument daar heel anders naar? Die ziet misschien wel een leuke, sportief vormgeven motor die qua specificaties heel dicht tegen bijvoorbeeld een Yamaha R7 aanschurkt, maar die wel een paar duizend (!) euro goedkoper is. De basis van de K750 voelt heel solide, zonder al te veel elektronische liflafjes. Baanbrekend? Nee. Veel motor voor je geld? Ik denk van wel.
+ Gedurfde looks
+ Scherpe prijs!
+ Fijne zit
– Eigenlijk is het een Jedi met Mash-stickers
– Geen quickshifter
– Minuscule lettertjes dashboard
Mash K750
Motor: 730cc, 4 kl./cil., vloeistofgekoelde paralleltwin, DOHC
Boring x slag: 83.0 x 67.6 mm
Compressieverhouding: 11.5:1
Max. vermogen: 75 pk @ 8.500 tpm
Max. koppel: 69 Nm @ 6.800 tpm
Brandstofvoorziening: injectie
Transmissie: zesbak, ketting
Frame: aluminium dubbel wiegframe
Voorvering: KYB 41 mm upside-down vork, veervoorspanning en uitgaande demping instelbaar, 120 mm veerweg
Achtervering: KYB monoshock, veervoorspanning instelbaar, 130 mm veerweg
Voorrem: 298 mm schijven met radiaal gemonteerde Brembo vierzuigerremklauwen
Achterrem: 240 mm schijf met enkelzuigerremklauw
Banden voor/achter: 120/70-R17 / 180/55-R17 (Michelin Road 6)
Wielbasis: 1.465 mm
Balhoofdhoek/naloop: n.b. / n.b.
Gewicht: 207 kg (rijklaar)
Zithoogte: 780 mm
Tankinhoud: 14 l.
Prijs België: € 7.899,-
Prijs Nederland: € 8.999,-
Tekst Randy van der Wal • Fotografie Jarno Schurgers